Air Products Home

News ReleaseAir Products gebruikt afgevangen CO2 met succes voor oliewinning

Demonstratieproject in Texas injecteert 1 miljoen ton CO2 in de bodem voor oliewinning

May 27, 2013 Arnhem

Air Products, een van de grootste leveranciers van industriële gassen en installaties voor de productie en verwerking daarvan, heeft deze maand een belangrijke mijlpaal bereikt in een demonstratieproject van het Amerikaanse Department of Energy (DOE) voor de afvang van CO2. Voor het project bij Port Arthur (Texas) is nu ongeveer 1 miljoen ton CO2 afgevangen en gebruikt voor de winning van olie. Dankzij de injectie van CO2 worden naar verwachting jaarlijks nog zo’n 1,6 tot 3 miljoen vaten extra olie uit een oud olieveld gewonnen. Voor het project wordt gebruik gemaakt van een innovatieve technologie van Air Products, die voor het eerst op een dergelijke grote schaal wordt toegepast.


Air Products heeft voor het demonstratieproject een geavanceerd systeem ontworpen en gebouwd voor de afvang van kooldioxide (CO2 ) afkomstig van twee reformers bij de Valero-raffinaderij in Port Arthur, die waterstof produceren uit aardgas en stoom. De waterstof wordt door raffinaderijen in de regio gebruikt voor de productie van schonere autobrandstoffen. De CO2 die tijdens het reformingproces vrijkomt, wordt afgevangen en gereinigd waarna het gas door een pijpleiding naar het olieveld wordt getransporteerd. Daar wordt de CO2 in de bodem geïnjecteerd voor de winning van olie. De installatie van Air Products kan jaarlijks zo’n één miljoen ton CO2 afvangen.

“Als je projecten definieert die model staan voor echte duurzaamheid, dan is het afvangen van broeigaskassen om ze vervolgens te gebruiken voor de winning en productie van waardevolle grondstoffen als ruwe olie natuurlijk een heel interessante optie”, zei Jeff Byrne, vice-president en general manager van de divisie Tonnage Gases van Air Products. “We hebben inmiddels een behoorlijke reputatie opgebouwd als het gaat om de ontwikkeling en realisering van grootschalige, industriële projecten en dat hebben we bij Port Artur in feite ook gedaan. We hebben daar gebruik gemaakt van een door onszelf ontwikkelde en gepatenteerde technologie, maar het demonstratieproject zou niet mogelijk geweest zijn zonder de steun en de betrokkenheid van DOE.”

Het Amerikaanse Department of Energy is zeer ingenomen met het project en de resultaten: “Het project is een belangrijke pijler van ons Industrial Carbon Caputure and Sequestration (ICCS) programma. Vanuit een R&D-project hebben we een demonstratieproject ontwikkeld met een zodanige schaal, dat het gemakkelijk gekopieerd en op commerciële basis uitgevoerd kan worden. De doelstellingen van het ICCS-programma zijn beperking van de klimaatverandering door afvang, gebruik en opslag van CO2; het creëren van werkgelegenheid en de positionering van de VS als marktleider in technologie voor de afvang van CO2.”

Het DOE stelde een substantieel deel (66%) van de 440 miljoen dollar aan investeringen voor het project beschikbaar. In juni 2010 kende het National Energy Technology Laboratory Air Products in het kader van het ICCS-Program een bedrag van 253 miljoen dollar toe voor het project. Later werd daar nog eens een bedrag van 30 miljoen dollar aan toegevoegd voor ontwerp, engineering, bouw en exploitatie van de installaties. Het project van Air Products was een van de drie projecten, die een additionele bijdrage kregen voor de ontwikkeling van een commercieel demonstratieproject.

Het DOE schat in dat het Port Arthur-project van Air Products een bijdrage levert aan de winning van 1,6 tot 3,1 miljoen vaten olie per jaar. Als oliebronnen uitgeput raken wordt het winnen van de resterende olie steeds moeilijker en wordt het steeds minder aantrekkelijk om de bron te exploiteren. Uiteindelijk wordt de oliebron gesloten. Omdat er veel olie in de bron achterblijft zijn er verschillende methodes ontwikkeld om de moeilijk winbare olie alsnog naar boven te halen; waaronder de injectie van CO2 in de oliebron. Door de injectie van CO2 wordt de druk in het olieveld verhoogd, waardoor de resterende olie gemakkelijker winbaar is. Tot de primaire doelstellingen van het DOE-project behoort echter niet alleen de injectie van CO2 , maar ook de monitoring van het project om zekerheid te krijgen dat de geïnjecteerde CO2 veilig en permanent in ondergrondse geologische formaties opgeslagen blijft.

Air Products is wereldwijd betrokken bij diverse andere projecten voor de afvang en opslag van CO2. Samen met energieleverancier Vattenfall is bij het R&D-complex in Schwarze Pumpe in Duitsland een project gerealiseerd voor afvang en opslag van CO2 met behulp van de Oxyfuel-technologie. Air Products heeft daar een systeem geïnstalleerd voor de afvang, reiniging en compressie van CO2 afkomstig uit een 30 megawatt kolengestookte energiecentrale. Dit Oxyfuel-project wordt wereldwijd beschouwd als een zeer belangrijk CO2-project.

In 2010 werd een andere samenwerking aangegaan met het Amerikaanse Department of Energy voor het ontwerp en de bouw van een CO2 -reinigingssysteem voor een Oxyfuel-project bij een energiecentrale in het Amerikaanse Windsor. Samen met het Alberta Energy Research Institute (AERI) werd in 2011 een uitgebreide studie gedaan naar geavanceerde technologie voor afvang van CO2 bij vergassingsprocessen in energiecentrales. Al in 2008 bouwde Air Products samen met het Imperial College uit London een proefopstelling voor de reiniging van rookgas als onderdeel van de Oxyfuel-technologie bij een kolengestookte energiecentrale van Doosan Babcock in het Schotse Renfrew. Met het project won Air Products destijds de ‘Rushlight Carbon Capture and Storage Award’.

Connect with us on:

|

Contact Us

Online Contact Form

Contact Information

X

This site uses cookies to store information on your computer. Some are essential to make our site work; others help us to better understand our users. By using the site, you consent to the placement of these cookies. Read our Legal Notice to learn more.

Close